Jeroen Keers “We moeten nú stappen zetten, niet wachten op Den Haag”

13-11-2025
98 keer bekeken

“Heel eerlijk? Toen ik vijf jaar geleden in de energietransitie begon had ik verwacht dat het sneller zou gaan,” zegt Jeroen Keers. “De urgentie is groot. We hebben te maken met netcongestie en willen onze klimaatdoelen voor 2030 halen. Op landelijk niveau gaat het al snel over kernenergie, maar dat duurt nog minstens vijftien jaar. Los van het politieke debat dat daarmee gemoeid is: we moeten daar niet op wachten. We moeten nú actie ondernemen en oplossingen bekijken voor de korte termijn."

Geen tijd te verliezen dus. Dat past mooi bij Jeroens rol als beleidsadviseur energietransitie binnen de gemeente Oss. In die functie vertaalt hij de strategische doelen van de gemeente naar concrete uitvoering. “Ik houd me bezig met de stap van strategie naar praktijk,” vertelt Jeroen. “Zo ondersteun ik burgerinitiatieven, onderhoud ik contact met Enexis en werk ik aan thema’s als netcongestie en energiesystemen.” Sinds vorig jaar is hij bovendien betrokken bij de Energieregio Noordoost-Brabant.

Het ideale speelveld: het regionale niveau

“Samenwerken met andere gemeenten in de regio is noodzakelijk als we de doelen voor 2030 willen behalen.” zegt Jeroen. “De gemeente Oss is aardig op dreef en is op weg om 98% van de opwekdoelen uit de RES 1.0 te behalen. Die laatste 2% lukt misschien nog met grootschalig zon op dak. Dat is natuurlijk mooi, maar het is net als met teamsport: je wint pas echt als de rest van het team ook scoort. Daarom is goede samenwerking tussen gemeenten cruciaal.”

Dat de energietransitie niet stopt niet bij gemeentegrenzen werd onlangs nog duidelijk. “Toen Enexis een belangrijk nieuwsbericht publiceerde, hebben we met Den Bosch en Bernheze het gesprek gevoerd. Onze elektriciteitsstations stoppen niet bij de gemeentegrens.”

Samenwerken met Enexis: zoeken naar balans

Ook de samenwerking met Enexis verloopt volgens Jeroen goed, al is het soms puzzelen. “Zowel de gemeente Oss als Enexis zijn grote organisaties, en dan heb je veel contactpersonen. Daarbij heb je als gemeente soms een andere invalshoek dan de netbeheerder. Dat vraagt om afstemming. Bijvoorbeeld als het aankomt op extra bekabeling en transformatorhuisjes op wijkniveau: je hebt enerzijds de fysieke ruimte nodig, anderzijds wil je ook bewoners betrekken bij het maken van keuzes. Juist bij dit soort projecten komt alles samen.”

Langzamer tempo, maar meer begrip

Door de verschillende overleg- en afstemmingsstructuren is het proces binnen de RES soms traag. “De Energietafel en Regiegroep zorgen voor goede afstemming, maar dat betekent ook dat processen meer tijd kosten. Elke gemeente heeft daarbij ook nog haar eigen agenda en urgenties, dat is soms balanceren tussen belangen. Niet elk onderwerp heeft voor elke gemeente even veel prioriteit of toegevoegde waarde. De heisessies die we vorig jaar hadden, hebben dan ook echt geholpen om elkaar te begrijpen. Eugène, onze regiocoördinator, faciliteert die samenwerking goed en zorgt dat prangende zaken op tafel komen.”

De toekomst van de RES

Een belangrijk vraagstuk is wat er ná 2030 met de RES gebeurt. “Juist zonder de strakke landelijke kaders kun je breder kijken dan alleen opwek en netcongestie. Bijvoorbeeld naar energiesystemen, opslag en samenwerking met bewoners. De RES is nu een fijn schaalniveau om vanuit te werken. Maar belangrijker nog: de urgentie van nú mag daarbij niet verloren gaan. We moeten proactief blijven handelen zowel binnen de gemeente Oss als op regionaal niveau. Bovendien zou het mooi zijn dat als de lasten van de energietransitie lokaal landen, de lusten dat ook doen. Bijvoorbeeld via een energiegemeenschap.”

 

Afbeeldingen

Cookie-instellingen